NL EN
DE FR

De Toverhazelaar

Tóverhazelaar. Alleen al de naam is fascinerend. Want wat heeft deze hazelaar (die eigenlijk geen hazelaar is) te maken met toveren? Zijn het de geurige bloemen die, als de hele wereld in de winter gestorven lijkt te zijn, uitbundig bloeien? Is het de bloedstelpende werking van de looistoffen in de bast? Of is het de enorme afstand die de zaden kunnen overbruggen als zij uit hun omhulsel springen?

Hamamelis virginiana is een oorspronkelijk uit Noord-Amerika afkomstige struik die veel gebruikt wordt in siertuinen. De struik is geliefd vanwege zijn winterbloei maar binnen de homeopathie ook vanwege zijn geneeskrachtige eigenschappen. Hoewel het blad en de vruchten die de plant draagt sterke gelijkenissen vertonen met de hazelaar behoort zij niet tot dezelfde familie, maar tot de familie van de Hamamelidaceae. De naam Hamamelis is afkomstig van de Griekse woorden hama (tegelijkertijd) en melum (appel), wat een verwijzing is naar de vorm van de vruchten en het feit dat bloemen en vruchten zich tegelijkertijd aan de stuik bevinden.

De hamamelis is een van de oudste nog overgebleven soorten in de plantenwereld. In de loop der tijd zijn er zo’n vier verschillende ondersoorten ontstaan, waarvan er twee afkomstig zijn uit het Noord-Amerikaanse gebied (virginiana en vernalis), en twee uit Azië (mollis en japonica). In Europa werd Hamamelis virginiana als eerste geïntroduceerd in 1736. De beroemde botanist Von Siebold bracht Hamamelis japonica in 1862 mee naar Nederland vanuit Japan. Deze soort heeft grotere en sterker geurende bloemen. In 1897 werd Hamamelis mollis vanuit China naar Engeland gebracht. De kruising van deze twee Aziatische soorten leverde uiteindelijk een geurige en uitbundig bloeiende intermediumvariant op. Met deze variant is verder geëxperimenteerd waardoor er een enorme variëteit in soorten is ontstaan met groot en klein blad en gele en rode bloemen die sterk of minder sterk geuren.

Toverplant?
De naam Toverhazelaar is afkomstig van de oorspronkelijk Engelse naam witch hazel. Dit was de naam die de Amerikanen gaven aan de struik die bij de Indianen een belangrijke, religieuze en geneeskrachtige rol speelde. Over het algemeen wordt aangenomen dat het woord ‘witch’ niet (veel) van doen had met hekserij maar verwees naar het Oud-Engelse woord ‘wic(e)’ dat buigen betekent (denk aan ‘twijg’). De takken van de toverhazelaar zijn door hun lengte, stevigheid en flexibiliteit namelijk erg geschikt om ze te gebruiken in vlechtwerk. Toch is de plant bij ons bekend geworden als Toverhazelaar en om ons heen als Zaubernuss en Noisette de Sorciere.

De verwarring is wellicht ontstaan door het feit dat de plant al in de oudste Amerikaanse kruidenboeken genoemd wordt als een plant die een bijzondere bloedstelpende, vaatvernauwende en desinfecterende werking heeft. De grote hoeveelheid looistoffen die de plant bevat draagt bij aan die werking. Ook in de moderne plantengeneeskunde wordt hamamelis nog veelvuldig toegepast, zoals in zalf tegen jeuk bij insectenbeten en in tonic voor na het scheren.

De onduidelijkheid over de herkomst van de naam witch hazel zou ook kunnen liggen in het feit dat de buigzame takken van de toverhazelaar gebruikt werden bij het zogenaamde wichelroedelopen. Wichelaars gebruiken takken met een Y-vormige splitsing om waterbronnen, metalen, edelstenen of leylijnen (aardse energiebanen) op te sporen. De takken worden wichelroedes genoemd. De wichelaar houdt deze voor zich uit terwijl hij over een terrein loopt. Hij laat zich ‘leiden’ door de wichelroede tot hij gevonden heeft wat hij zocht. Over het wichelen bestaat nogal wat controverse: sceptici zeggen dat het vinden van waterbronnen nogal eenvoudig is, omdat zich onder 90% van het aardoppervlak water bevindt. Anderen houden echter hardnekkig vol dat wichelroedelopers ontvankelijker zijn voor bepaalde energiestromen en daardoor naar hun vondsten geleid worden.


Hamamelis in het arboretum
Hoe we de naam van deze plant ook moeten verklaren, het blijft heel bijzonder dat de struik in het winterseizoen bloeit. Waarom dat zo is, is niet helemaal duidelijk. Men denkt dat de hamamelis oorspronkelijk in dichte loofbossen stond en daardoor pas kans had op bestuiving wanneer het blad van de omringende bomen was verdwenen – als de wind vrij spel had.

Het arboretum De Dreijen heeft in haar tuin zes verschillende intermediumvarianten, twee virginiana’s en vier japonica’s, die samen een aardig overzicht bieden van de variëteit aan rode en gele bloemen, grote en kleine bladeren. In de maanden januari en februari levert dat een bijzonder mooi kleurenspel op, waarbij u natuurlijk van harte welkom bent om het te komen bewonderen.

Stichting Utopa actualiseert en stimuleert creatieve talenten van mensen
Lees verder Stichting Utopa